Marsrepetitie

 

Opstelling

Slagwerk

Trombone(s)

Klarinetten

Dwarsfluiten

Saxofoons

Hoorns

Trompetten

Euphoniums en Bassen

 

Eerst sta je in de rust, voeten wat uit elkaar.

 

Vertrek

De trom doet de afslag zoals we die al kennen.

Na de laatste slag, zetten we onze linkervoet naast onze rechtervoet.

Eigenlijk vullen we dus met onze voet de vierde tel:

boem boem boem linkervoet (4 tellen).

 

Dan na de roffel van de grote trom zoals we dat gewend zijn: vertrek met links.

Je vertrekt gelijk, zonder aarzeling. Om dat duidelijk te maken,

zet je je linkervoet goed neer op de grond.

De bedoeling hiervan: je vertrekt gelijk, er zit geen verschil tussen voor en achter.

 

Tijdens het lopen

-          Let op de mensen naast je, je moet in een rij van 3 (een “rot”) naast elkaar lopen,

      met steeds dezelfde afstand tot de mensen naast je. Ook in de bochten blijft die ruimte gelijk!

-          Richten doe je op de persoon in de rechtse buitenste rij. Dit wil zeggen, dat je gelijk loopt met

      hem of haar.

-          Wanneer je aan de buitenkant loopt moet je niet harder gaan lopen, jij bent degene

      die het normale tempo doorblijft lopen.

-          Wanneer je de binnenbocht neemt: rustig lopen, tempo minderen en naar degene kijken die

      de buitenbocht neemt. Je moet in dezelfde rij blijven lopen!

-         Wanneer je in het midden loopt: tempo minderen, je aanpassen aan degene die buiten loopt.

-          Wanneer er gestopt wordt, let je op de slagwerkgroep: blijven zij doormarcheren

      (markeren) op de plaats, dan doen wij dat ook. Dat betekent dat we snel weer verder gaan.

      Stoppen zij met markeren, dan doen wij dat ook.

 

Inzetten van de mars

De slagwerkgroep speelt 2x 8 maten zonder grote trom.

Wanneer de grote trom na 8 maten 3 klappen geeft,

is het nog 8 maten tot de mars begint. Goed opletten dus!

 

Stoppen met lopen/spelen

-        Wanneer de grote trom 2 keer 2 klappen geeft (aandachtsignaal) en meteen

     daaropvolgend nog 3 klappen, slaat hij de “mars af”. Dit wil zeggen dat je op de

     laatste van de 3 klappen stopt met spelen. Zodra je het aandachtsignaal hoort,

     goed opletten wat er gebeurt!

-        Wanneer de slagwerkers stoppen met lopen, stoppen wij ook gelijk,

     niet doorlopen totdat we een minikorps vormen. Gewoon gelijk stoppen.

     Wanneer we aan het spelen zijn wel gewoon doorspelen.

-       We blijven in de houding staan totdat de grote trom de afslag doet,

     zoals we ook in begin in de houding gingen.

     Nu zetten we onze linkervoet niet bij, maar zetten we onze linkervoet naar buiten:
aandachtsignaal
(2x2 klappen), boem boem boem linkervoet naar buiten

-          Daarna speelt de slagwerkgroep nog 8 maten, eindigend met 2 grote klappen.

-          Iedereen draait linksom en daarna mogen we weglopen (inrukken).

 

Rechtsom of linksom

De grote trom geeft aan of we linksom of rechtsom moeten, door in de richting te gaan staan.

Vervolgens doet hij de afslag zoals we die kennen, en draaien we als volgt:

Boem boem boem boem, linkervoet, rechtervoet, linkervoet.

Je begint dus met je linkervoet, maakt niet uit welke kan je opdraait.

Dat betekent, dat wanneer je naar rechts draait, je je linkervoet gedraaid voor je rechter zet.

Wanneer je gedraaid bent, sta je weer met je voeten tegen elkaar in de houding.